2 fiscale partners

Het kan zijn dat u in 2006 vóór of na uw huwelijk langer dan 6 maanden heeft samengewoond met iemand anders. In deze situatie kunt u 2 fiscale partners hebben.

Voorbeeld
U voerde eerst langer dan 6 maanden een gezamenlijke huishouding met uw moeder en u trad daarna in augustus in het huwelijk. U heeft mogelijk na elkaar 2 fiscale partners: uw moeder en uw echtgenoot.

Voor het verdelen van gemeenschappelijke inkomsten en aftrekposten kunt u dan maar met een van deze fiscale partners ervoor kiezen om heel 2006 als fiscale partners te worden beschouwd.

De andere fiscale partner kan nog van belang zijn voor andere fiscale regelingen, bijvoorbeeld voor de uitbetaling van algemene heffingskorting.

Te verdelen aftrekposten

U kunt de volgende inkomsten en aftrekposten verdelen met uw fiscale partner:

  • Het saldo van de inkomsten en aftrekposten van de eigen woning.
  • Voordeel uit aanmerkelijk belang.
  • De waarde van bezittingen en schulden in box III, zoals effecten, een tweede woning of spaargeld.
  • Betaalde alimentatie of andere onderhoudsverplichtingen.
  • Uitgaven voor het levensonderhoud van kinderen jonger dan 30 jaar.
  • Ziektekosten of andere buitengewone uitgaven.
  • Uitgaven voor weekendbezoek van ernstig gehandicapten.
  • Studiekosten of andere scholingsuitgaven.
  • Giften die u heeft gedaan.
  • Kwijtschelding van durfkapitaal.
  • Restant persoonsgebonden aftrek over voorgaande jaren.